Soja tijdens kinderjaren verlaagt kans op borstkanker met 60%
Vrouwen die als kind regelmatig soja aten, blijken 60% minder kans op borstkanker te hebben dan vrouwen die weinig tot geen soja aten als kind. Ook sojaconsumptie tijdens adolescentie en op volwassen leeftijd gaat gepaard met een daling van het risico op borstkanker. Dit blijkt uit een recente studie uitgevoerd bij ruim 1500 Amerikaanse vrouwen van Aziatische afkomst.
Borstkanker komt aanzienlijk meer voor in de Verenigde Staten dan in de Aziatische wereld. Wanneer Aziatische vrouwen emigreren naar de Verenigde Staten ziet men een toename van het risico op borstkanker. Na verschillende generaties is het risico op borstkanker zelfs te vergelijken met dat van blanke vrouwen in de VS. Verschuivingen in voedingsgewoontes liggen aan de basis van dit verschijnsel.
In de studie is de sojaconsumptie van 597 vrouwen met borstkanker vergeleken met die van 966 vrouwen zonder borstkanker. Het betrof vrouwen tussen 20 en 55 jaar oud van Chinese, Japanse of Filippijnse afkomst, wonend in de VS. De sojaconsumptie tijdens kinderjaren (5-11 jaar), adolescentie (12-19 jaar) en op volwassen leeftijd (vanaf 20 jaar) is in kaart gebracht. Om de sojaconsumptie tijdens de kinderjaren na te gaan, werden de moeders, die ook in de VS wonen, gevraagd naar de soja inname van hun dochters op kinderleeftijd.
De resultaten van deze studie geven aan dat het borstkankerrisico daalt naarmate soja vaker geconsumeerd werd. Het grootste beschermende effect werd gevonden bij regelmatige sojaconsumptie vanaf kinderleeftijd. Een sojaconsumptie van jongs af aan van minimaal 6 keer per maand ging gepaard met een 60% lager risico op borstkanker, vergeleken met een sojaconsumptie van minder dan 3 keer per maand. Dit effect was onafhankelijk van ras, onderzoeksregio en geboorteland (Azië of VS).
Bron: Korde, LA et al. Childhood soy intake and breast cancer risk in Asian American women." Cancer Epidemiol Biomarkers Prev. 2009;18(4)
Soja: gunstig tegen prostaatkanker
De resultaten van een recente meta-analyse geven aan dat consumptie van sojaproducten geassocieerd is met een verlaging van prostaatkankerrisico met 26%.
Uit epidemiologische studies blijkt dat prostaatkanker meer voorkomt in Europese landen en de VS in vergelijking met Aziatische landen. Daarenboven ziet men dat Aziatische mannen een verhoogd risico op prostaatkanker hebben, na migratie van hun thuisland naar de VS. Deze waarnemingen wijzen erop dat het risico op prostaatkanker wordt beïnvloed door omgevingsfactoren en veranderingen in levensstijl, waaronder ook wijzigingen in voedingsgewoontes.
De meta-analyse omvat 24 epidemiologische studies. Uit de resultaten blijkt dat het risico op prostaatkanker daalt met 26% bij mannen met de hoogste soja inname (> 1x/dag) versus de laagste soja inname (<2x/week). In het onderzoek werd er tevens een verschil opgemerkt tussen niet gefermenteerde en gefermenteerde sojaproducten. De onderzoekers zien een risicodaling van 30% bij consumptie van niet gefermenteerde sojaproducten zoals tofu (vleesvervanger op basis van soja) en sojadrinks; daarentegen werd geen effect vastgesteld met gefermenteerde sojaproducten zoals miso en natto. Om deze verschillen beter te begrijpen zijn bijkomende studies noodzakelijk.
Het uitgebreide gamma aan sojadrinks, sojadesserts, yofu (soja alternatief aan yoghurt) en tofu maakt het mogelijk om op een vlotte en gevarieerde manier dagelijks sojaproducten op het menu te plaatsen.
Bron: Yan, L. and E. L. Spitznagel. “Soy consumption and prostate cancer risk in men: a revisit of a meta-analysis.”Am J Clin Nutr. (2009)
Sterkere botten met isoflavonen uit soja
De botdichtheid ter hoogte van de heup en lumbale wervels neemt toe na inname van genisteïne, een isoflavon van nature aanwezig in soja. Dat is het effect dat werd waargenomen in een Italiaanse studie, uitgevoerd bij 138 postmenopauzale vrouwen met verlaagde botmassa.
Na de menopauze verhoogt het risico op osteoporose. Hormoon substitutie therapie (HST) is de meest gebruikte therapie in de strijd tegen osteoporose of verlies van botmassa na de menopauze. Recente onderzoeken wijzen op de negatieve gevolgen van HST zoals verhoogd borstkankerrisico, cardiovasculaire aandoeningen, infarcten, enz. Epidemiologische studies wijzen erop dat soja isoflavonen menopauzale klachten kunnen verminderen en ook de botdichtheid gunstig zouden kunnen beïnvloeden.
Aan de Italiaanse studie namen 138 postmenopauzale vrouwen deel met verlaagde botmassa, allen met een leeftijd tussen 49 en 67 jaar. 71 van hen namen dagelijks 54 mg genisteïne (een isoflavon van nature aanwezig in soja) in; de controlegroep bestond uit 67 vrouwen en deze kregen een placebo toegediend. De botdichtheid werd gemeten bij aanvang van de studie, na 1 jaar en na 2 jaar.
Uit de resultaten (zie grafiek) blijkt dat de botdichtheid gunstig werd beïnvloed in de groep die genisteïne innam in vergelijking met de controlegroep. De botdichtheid voor de genisteïne groep steeg na 1 jaar met 2.32% ter hoogte van de heup en met 2.68% ter hoogte van de lumbale wervels; bij de controlegroep daalde de botdichtheid respectievelijk -1.63% en -2.12%. Na twee jaar was voor de genisteine groep de botdichtheid ter hoogte van de heup nog verder gestegen tot 4.54% terwijl deze voor de controlegroep verder daalde tot -3.92%. Ter hoogte van de lumbale wervels steeg de botdichtheid verder tot 5.25% terwijl bij de controlegroep deze verder daalde tot -3.74%. Het onderzoek geeft aan dat bij postmenopausale vrouwen de botmassa stijgt onder invloed van soja isoflavonen.
Bron: Atteritano, M., et al. "Genistein effects on quantitative ultrasound parameters and bone mineral density in osteopenic postmenopausal women." Osteoporos.Int. (2009).
Adlecreutz HL, Mazur W (1997) Phyto-estrogen and western disease. Ann Med 29:95-120
Horiuchi T, Onouchi T, Takahashi M et al (2000) Effect of soy protein on bone metabolism in postmenopausal Japanese women. Osteoporos Int 11:721-724
Voor uw journalistieke agenda
- 6-9 mei: 17th European Congress on obesity (Amsterdam, NL)
- 19-25 september: European Week of Soy
- 19 oktober: International Congress of Nutrition 2009 (Bangkok)